Publicatie Laka-bibliotheek:
De Kernenergiewet in vogelvlucht

AuteurKortmann, Span
1-01-0-40-39.pdf
Datummaart 2019
Classificatie 1.01.0.40/39 (AANSPRAKELIJKHEID / VERZEKERINGEN / WETGEVING)
Voorkant

Uit de publicatie:

1.         Nucleaire sector in Nederland

Om invulling te geven aan haar plicht een bijdrage te leve-
ren aan de mondiale klimaatopgave zoals neergelegd in het
klimaatverdrag van Parijs heeft de Nederlandse overheid
zichzelf verschillende klimaatdoelstellingen gesteld. Zo is
het streven om in Nederland de uitstoot van broeikasgassen
in 2030 met 49% te verminderen ten opzichte van 1990.2 In
het kader van de haalbaarheid van deze en andere klimaat-
doelstellingen is de aandacht voor kernenergie groot.3 Van-
wege de reductie die kernenergie kan leveren aan broeikas-
gasuitstoot wordt kernenergie – net als in vroegere tijden
overigens – 4 gezien als mogelijkheid om bij te dragen aan
een duurzamere samenleving.

Deze hernieuwde aandacht voor kernenergie vormt aanlei-
ding om eens nader te kijken naar de nucleaire regelgeving.
Hoewel ontwikkelingen op het vlak van kernenergiepro-
ductie in Nederland relatief beperkt zijn – sinds de buiten-
bedrijfstelling van de centrale in Dodewaard in 1997 is de
kernenergiecentrale van N.V. Elektriciteits-Produktiemaat-
schappij Zuid-Nederland EPZ (beter bekend als EPZ) de eni-
ge operationele kerncentrale in Nederland – hebben de wet-
en regelgeving op dit vlak wel ontwikkeling doorgemaakt.
Zo is er de relatief recente wijziging van het kernenergie-
recht ter omzetting en uitvoering van de Europese richtlijn
inzake basisveiligheidsnormen voor stralingsbescherming5
en de instelling van de Autoriteit Nucleaire Veiligheid en
Stralingsbescherming (ANVS) als zelfstandig bestuursor-
gaan.6 Doorwerking van Europese regelgeving en herverde-
ling van taken en bevoegdheden hebben tot verschillende
wijzigingen in de nationale wet- en regelgeving geleid. In
dit artikel zullen wij stil staan bij deze wijzigingen. Gezien
de beperkte aandacht die het kernenergierecht in het alge-
meen krijgt, grijpen wij dit artikel ook aan om het kernener-
gierecht in de bredere zin aan de orde te stellen. Relevant in
dit kader is dat het kernenergierecht niet alleen centrales
omvat waar kernenergie wordt opgewekt, maar de gehele
Nederlandse nucleaire sector. Deze sector is relatief klein,
maar gevarieerd. Naast de kerncentrale in Borssele zijn er
twee onderzoeksreactoren in Petten (NRG) en Delft (TUD).
De reactor in Petten produceert medische isotopen die het
bedrijf Curium verwerkt tot medische producten. URENCO
heeft in Almelo een verrijkingsfabriek waar naast verrijkt
uranium verscheidene andere isotopen worden geprodu-
ceerd voor de medische en industriële sector. De Centrale
Organisatie voor Radioactief afval (COVRA) in Borssele is de
centrale faciliteit voor de opslag van al het Nederlandse ra-
dioactieve afval. Verder wordt er een grote verscheidenheid
aan radioactieve bronnen en deeltjesversnellers gebruikt
voor medische toepassingen, onderzoek en industriële
doeleinden en vindt er vervoer van radioactieve stoffen en,
al dan niet bestraalde, splijtstoffen plaats.7 Al deze aspecten
worden omvat door het kernenergierecht. Het kernener-
gierecht is dan ook meer aanwezig dan men op het eerste
gezicht wellicht zou denken.