Publicatie Laka-bibliotheek:
Sloop BARN-gebouw, afvoer restactiviteit, eindcontrole (1999)
| Auteur | Universiteit Wageningen, Koops |
| Datum | september 1999 |
| Classificatie | 1.01.8.60/22 (ITAL WAGENINGEN - ALGEMEEN) |
| Voorkant |
|
Uit de publicatie:
Sloop BARN-gebouw, afvoer restactiviteit en eindcontrole met betrekking tot radioactiviteit. 1 Inleiding In rapport R98-007 zijn de diverse fasen van ontmanteling van de voormalige kernreactor van het ITAL, de BARN (Biologische Agrarische Reactor Nederland), Keijenbergseweg 6 te Wageningen uitvoerig beschreven. Nadat in 1982 de splijtstoffen zijn afgevoerd, werden vanaf 1997 de geactiveerde delen geïsoleerd en afgevoerd. Na een nauwkeurige controle op de aanwezigheid van radioactiviteit bleek de betonnen reactorbodem een geringe restactiviteit te bevatten. Het bleek technisch niet mogelijk dit beton te isoleren met in stand houding van de reactorconstructie. In overleg met de overheid is besloten de isolatie van geactiveerde materialen als onderdeel van de sloop van het gebouw te maken waarbij deze moest worden voorzien in een door de Algemeen Stralingsdeskundige opgestelde procedure voor verwijdering, controle en afvoer van genoemde stoffen. Dit rapport beschrijft de isolatie, controle en afvoer van de geactiveerde onderdelen. Ook de eindcontrole, het bodemonderzoek na afvoer van alle sloopmaterialen, is onderdeel van het rapport. Aan de vergunningverlener zal worden verzocht de huidige complexvergunning volgens de Kernenergiewet aan te passen in die zin dat de locatie Keijenbergseweg 6 niet meer geldt als een locatie waar radioactieve stoffen zijn opgeslagen. 2 Vooroverleg overheidsinstanties Op basis van de in rapport R98-007 gerapporteerde resultaten van de eindcontrole op radioactieve besmetting is de BARN in oktober 1998 vrijgegeven voor sloopwerkzaamheden onder voorwaarde dat een door de Algemeen Stralingsdeskundige (1) opgestelde procedure voor verwijdering, controle en afvoer van de nog in de bassinbodem aanwezige geactiveerde onderdelen wordt gevolgd en dat wordt voorzien in de stralingshygiënische begeleiding. In bijlage 1 is genoemde procedure opgenomen. Deze is ter instemming opgestuurd naar betrokken overheidsinstanties te weten Kernfysische Dienst, VROM (Inspectie Milieuhygiëne Zuidwest) en SZW (Arbeidsinspectie, regio Oost). De ontvangen reacties waren positief en hebben niet geleid tot aanpassing van de werkwijze. Mede op indicatie van de Inspectie Milieuhygiëne Zuidwest is in april 1999 een bijeenkomst gehouden om het plan van aanpak met betrekking tot de sloop van het BARN-gebouw met name ten aanzien van de nog aanwezige geactiveerde onderdelen toe te lichten en eventueel bij te stellen. De volgende instanties waren voor deze bijeenkomst uitgenodigd: • Gemeente Wageningen, afdeling Milieu • Min. van LNV, Facilitaire Dienst (opdrachtgever) • Min. van SZW, Arbeidsinspectie, regio Oost • Min. van SZW, Kernfysische Dienst • Min. van VROM, Inspectie Milieuhygiëne Zuidwest • Provincie Gelderland, afdeling Afvalstromen
Deze publicatie is alleen op papier bij Laka beschikbaar, niet als pdf.
Publicaties zijn te leen of informeer of we een kopie kunnen maken. Soms, als we tijd hebben, lukt dat tegen kostprijs van de kopieën.